Het einde van de slapende dienstverbanden

Auteur: Lydia de Jong

Nieuwsoverzicht

Op 8 november jl. heeft de Hoge Raad antwoord gegeven op een aantal vragen over slapende dienstverbanden. Daaruit komt naar voren dat goed werkgeverschap met zich meebrengt dat een werkgever akkoord moet gaan met een voorstel van de werknemer om het (slapende) dienstverband na langdurige arbeidsongeschiktheid te beëindigen, onder betaling van een transitievergoeding. De uitspraak is baanbrekend, omdat dit een einde kan maken aan de slapende dienstverbanden. Reden om dieper in te gaan op deze interessante uitspraak.

Slapend dienstverband

Om te beginnen is het van belang om te weten wat een slapend dienstverband precies is. Er is sprake van een slapend dienstverband als je langer dan 104 weken ziek bent en jouw dienstverband na die termijn niet door de werkgever wordt opgezegd, terwijl hij dat wel mag doen. Na die 104 weken heb je geen recht meer op loon. Je blijft dus in dienst van de werkgever, maar je verricht geen werkzaamheden meer en ontvangt ook geen loon meer. Je bent eigenlijk een soort spookwerknemer.

Doordat de arbeidsovereenkomst niet door de werkgever wordt beëindigd, heb je geen recht op een transitievergoeding. Dit is een wettelijke vergoeding die aan een werknemer betaald wordt als het dienstverband na twee jaar of langer op initiatief van de werkgever wordt beëindigd. Een slapend dienstverband is dus een trucje van de werkgever om onder kosten uit te komen. Hierdoor kun je jaren thuis komen te zitten zonder recht te hebben op loon of betaling van een transitievergoeding.

Het geschil

Verder met de zaak in kwestie. Er was eens… een langdurig zieke werknemer met een slapend dienstverband als loopbaan, in een land waar blijkbaar heel veel slapende dienstverbanden bestaan. De betreffende werknemer heeft zijn werkgever meerdere malen verzocht om het dienstverband na langdurige arbeidsongeschiktheid te beëindigen en over te gaan tot betaling van de transitievergoeding. De werkgever heeft dit verzoek keer op keer afgewezen, omdat er geen financiële middelen zijn om de transitievergoeding te betalen. Werknemer is van mening dat werkgever in strijd met het goed werkgeverschap handelt en daardoor schadeplichtig is geworden. Omdat partijen er niet uit komen, is de werknemer naar de rechter gestapt.

Tijdens de zitting brengt de werknemer naar voren dat hij niet de enige is met dit probleem. In Nederland worden schijnbaar duizenden werknemers in een slapend dienstverband gehouden. De politiek dringt vaak bij werkgevers aan om de slapende dienstverbanden snel te beëindigen en de transitievergoeding te betalen. Helaas gebeurt dit in de praktijk niet. De werknemer in kwestie vindt daarom dat het niet alleen voor hem belangrijk is dat de Hoge Raad hierover vragen beantwoordt. Dit is voor heel Nederland van belang. Daarom stelt rechtbank Limburg een aantal vragen aan de Hoge Raad over de beëindiging van slapende dienstverbanden.

De vragen van rechtbank Limburg

De vraag die wordt gesteld is ‘of het goed werkgeverschap met zich meebrengt dat de werkgever onder omstandigheden verplicht kan worden om in te stemmen met een voorstel van de werknemer tot beëindiging van een ‘slapend dienstverband’, onder toekenning van een vergoeding aan de werknemer ter hoogte van de transitievergoeding dat de werkgever op grond van de Wet compensatie transitievergoeding kan verhalen op het UWV’.

Een hele mond vol dus. In ‘normale mensen taal’ vraagt de rechtbank of een werkgever verplicht kan worden om een slapend dienstverband te beëindigen en transitievergoeding te betalen als de werknemer daarom vraagt.

Even een kort uitstapje naar die Wet compensatie transitievergoeding. Deze wet is een poging om een einde te maken aan slapende dienstverbanden. Vanaf 1 april 2020 kunnen werkgevers compensatie krijgen voor de betaalde transitievergoeding. Daarmee wordt geprobeerd om de belangrijkste reden voor een slapend dienstverband weg te nemen, namelijk het betalen van een transitievergoeding.

Het antwoord op de vraag is… JA

De Hoge Raad antwoordt dat ‘als uitgangspunt geldt dat een werkgever gehouden is in te stemmen met een voorstel van de werknemer tot beëindiging van de arbeidsovereenkomst met wederzijds goedvinden, onder toekenning van een vergoeding ter hoogte van de wettelijke transitievergoeding indien wordt voldaan aan de vereisten voor beëindiging van de arbeidsovereenkomst wegens langdurige arbeidsongeschiktheid’.

Ook dit heeft enige vertaling nodig. De Hoge Raad geeft als antwoord dat de werkgever verplicht kan worden om het slapende dienstverband te beëindigen en transitievergoeding te betalen als de werknemer hierom verzoekt.

Alleen als de werkgever er belang bij heeft om de arbeidsovereenkomst niet te beëindigen, mag hij het voorstel van de werknemer weigeren. Bijvoorbeeld wanneer verwacht wordt dat de werknemer binnen korte termijn toch weer aan het werk kan. Dat de werknemer bijna pensioengerechtigd is, is weer geen reden om de arbeidsovereenkomst niet te beëindigen.

Omdat de Wet compensatie transitievergoeding pas op 1 april 2020 in werking treedt, moet de werkgever de transitievergoeding voorschieten. Vanaf het moment dat de wet in werking is getreden kunnen de werkgevers met terugwerkende kracht een verzoek tot compensatie indienen bij het UWV. Heeft de werkgever geen financiële middelen om de transitievergoeding voor te schieten? Dan kan de rechter beslissen dat in termijnen of pas na 1 april 2020 wordt betaald.

Gevolgen

De uitspraak van de Hoge Raad is goed nieuws voor alle werknemers met een slapend dienstverband. Werkgevers kunnen vanaf nu namelijk worden verplicht om het slapend dienstverband te beëindigen en de transitievergoeding te betalen als de werknemer daarom vraagt. Dit houdt niet in dat alle slapende dienstverbanden daadwerkelijk zullen worden beëindigd op verzoek van de werknemer. Dit wordt per situatie bekeken. De praktijk zal uitwijzen of het aantal slapende dienstverbanden in Nederland door deze uitspraak wordt teruggedrongen. Ik heb in ieder geval goede hoop!

Heb je momenteel een slapend dienstverband en wil je dat deze beëindigd wordt? Dien dan een schriftelijk beëindigingsvoorstel in bij je werkgever. Als lid van LBV kun je natuurlijk contact met ons opnemen als je vragen hebt over je slapende dienstverband of als je hulp nodig hebt bij het indienen van het beëindigingsvoorstel. Ben je nog geen lid, maar wil je wel graag hulp bij het beëindigingsvoorstel? Neem dan contact met ons op voor een vrijblijvend gesprek via 088-2663000 of lbv@lbv.nl. Whatsappen kan natuurlijk ook op 06-83561754.

Deze website maakt gebruik van cookies om na te gaan hoe deze wordt gebruikt.

Meer info